Home News Forum Kijk/Luister Samplesets Vergelijk Benodigdheden Foto's Links Downloads Over ons

 

 

Inhoud



















Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 Volgende
Google

Leo Terlouw - Bach project - Deel 1 t/m 10

Professioneel organist Leo Terlouw heeft Hauptwerk sinds 2012. Hij is bezig om orgelwerken van J.S. Bach op te nemen met gebruik van verschillende Haupwerk samplesets. Er zullen ook regelmatig 'Bach gerelateerde' opnames (zoals transcripties) tussen zitten. PCorgan werkt hier graag aan mee door de opnames hier te publiceren.

U kunt de mp's ook downloaden/afspelen op Download mp3's, gespeeld door anderen.

Deel 11 t/m 20



Deel 10 - 03-09-2014

Programma
In dit programma zijn twee verzoeknummers van Pieter van Helden uit Ede opgenomen. Het betreft de koraalbewerkingen An Wasserflüssen Babylon BWV 653 en Herr Jesu Christ, dich zu uns wend BWV 655. Behalve deze stukken was ook de keuze van de sampleset een verzoek van hem. Alle opnamen van het onderstaande programma heb ik via www.wetransfer.com naar hem verstuurd. Hij heeft ze, op mijn verzoek, van commentaar voorzien. Ik kan niet anders zeggen dan dat dit voor mij heel inspirerend geweest is. Zijn opmerkingen/suggesties betroffen vooral de registerkeuze, maar ook de interpretatie en soms zelfs technische aspecten. De ene keer nam ik zijn suggestie over, een andere keer ten dele of niet. Ook heeft zijn commentaar op de opname van An Wasserflüssen Babylon BWV 653 ertoe geleid om de opname over te doen en geheel andere keuzes m.b.t. tot tempo, registraties en versieringen te maken. Het uiteindelijke resultaat is voor een aanzienlijk deel beïnvloedt door zijn feedback. De registraties vindt u in principe in het 'afspeelblokje'. Als een registratie te uitgebreid is om daar op te nemen of als er binnen een stuk geregistreerd wordt, staat de registratie in de toelichting vermeld.

Video
De laatste jaren neem ik in mijn vakantie altijd een cursus mee. Dit jaar heb ik een cursus video bewerken gedaan. Een enkele regendag is dan ook geen probleem.................. Weer thuisgekomen heb ik opnamen gemaakt waarbij ik voor de beelden twee camera's op statief heb gebruikt. Het geluid komt van de sampleset 1973, Marcussen, Rotterdam. Dit levert in totaal drie bestanden op die gesynchroniseerd moeten worden. Dat lijkt een lastige klus maar valt erg mee als je het goed aanpakt. Voor het synchroniseren/samenstellen van de video heb ik de programma's Audacity en Adobe Premiere Elements 9.0 gebruikt. Daarna heb ik nog enkele afbeeldingen toegevoegd en daarvoor o.a. Adobe Photoshop Elements 6.0 gebruikt.
Ik vond het erg leuk om te doen en zo krijgen de bezoekers bij deze tiende aflevering een kijkje in de keuken. Op deze video hoort u het Vivace (eerste deel) uit de zesde Triosonate van J.S. Bach.

Registratie:
Rw: P8, H8'
Hw: O4, OF4' (octaaf lager gespeeld met de linkerhand)
Ped: O16, O8


Sampleset
De sampleset/het orgel van de Laurenskerk te Rotterdam heeft erg veel registers.
Een aantal daarvan zijn bijzonder en komen op weinig orgels/samplesets voor.
Bij een aantal stukken zijn de volgende registers in de registratie opgenomen:
  • Chamadewerk, Trompeta de batalla 8' - Nun danket alle Gott BWV 657
  • Pedaal, Prestant 32' - Fantasia in g BWV 542
  • Pedaal, zachte en boventoonrijke Fagot 16' - Herr Jesu Christ, dich zu uns dich BWV 655
  • Pedaal, Bazuin 32' - Komm, Heiliger Geist, Herre Gott BWV 651
Een belangrijk pluspunt van deze set is dat snelle passages in het groot octaaf duidelijk blijven.
Daardoor komen met name de Fuga in g BWV 542 en bij Nun danket alle Gott BWV 658 goed tot hun recht.

Fantasia en Fuga in g BWV 542
Dit is één van de meest beroemde stukken van J.S. Bach. De Fantasia is voor het grootste deel een vrij werk waarbij akkoorden en passagewerk elkaar afwisselen. Daarnaast hoort u twee delen, gespeeld met een zachtere registratie, waarbij een kort motief in sopraan, alt en tenor verwerkt wordt. De veelal dissonante akkoorden volgen elkaar op een verrassende manier op. Alleen een componist als Bach kon zo'n geniaal stuk schrijven en was zijn tijd daarmee ver vooruit. Het fugathema is een omspeling van een Nederlands volksliedje. Het thema wordt ingezet in de sopraan. Daarna in de alt en dan komt er een stem bij (het eerste contrasubject: een tegenmelodie die verder in het stuk steeds het thema vergezelt). Dan volgt een tussenspel waarna het thema voor de derde keer inzet en nu in de tenor klinkt. In de alt klinkt dan het eerste contrasubject en tegelijkertijd wordt er in de sopraan een tweede contrasubject toegevoegd. In maat 57, daar waar ik van klavier wissel , komt er een kort motief bij. In speeltechnisch opzicht wordt deze fuga wel tot één van de moeilijkste werken van J.S. Bach gerekend, maar dat is erg persoonlijk. In dit programma was voor mij An Wasserflüssen Babylon BWV 653 het lastigste stuk. Deze Fantasia en Fuga heb ik in 1978 op mijn B-examen gespeeld op het Laurensorgel in Rotterdam. Daarna heb ik het stuk vele malen opnieuw gestudeerd en op concerten gespeeld waardoor geleidelijk aan de technische moeilijkheden afgenomen zijn.
Fantasia in g BWV 542
Hw: P16, O8, OF8, O4, O2, R, M, T8
Rw: P8, H8, Q8, O4, O2
Ped: P32, O16, OS16, O8, G8, R5 1/3, O4, R, B16
mt. 9, 2e tel: Ped: -P32, - R5 1/3, -R, -B16
mt. 14, 2e tel: Ped: +P32, +R5 1/3, +R, +B16
mt. 25, 2e tel: Ped: -P32, - R5 1/3, -R, -B16
mt. 31, 2e tel: Ped: +P32, +R5 1/3, +R, +B16
mt. 35, 2e tel: Ped: +T8, Koppels: +Hw-Rw




Fuga in g BWV 542
Hw: O8, OF8, O4, O2, R, S, T8
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Bw: P8, O4, M
Ped: O16, OS16, O8, G8, O4, N2
Koppels: Ped-Bw

begin op Rw
mt. 54, 4e tel: Ped: +T8
mt. 57, 3e tel: verder op Hw
mt. 93, 4e tel: r.h. verder op Rw
mt. 94, 4e tel: l.h. verder op Rw
mt. 110, 2e tel: Ped: +B16
mt. 110, 4e tel: Koppels: Hw-Rw en verder op Hw

An Wasserflüssen Babylon BWV 653
Een vierstemmige koraalbewerking voor twee klavieren en pedaal. De melodie in de tenor is versierd en wordt met de linkerhand gespeeld. De oorspronkelijke melodie lijkt op de iso-ritmische versie van de Lofzang van Zacharias. Het karakter van dit stuk is echter het tegenovergestelde van een lofzang. De tekst is uitgesproken somber. De eerste regel luidt: „An Wasserflüssen Babylon, da saßen wir mit Schmerzen; als wir gedachten an Zion, da weinten wir von Herzen." Na veel wikken en wegen heb ik gekozen voor de meest sobere registratie die je maar kunt bedenken. Zo klinkt deze koraalbewerking als de tegenhanger van Nun danket alle Gott BWV 657.

Herr Jesu Christ, dich zu uns wend' BWV 655
Deze koraalbewerking is een driestemmig stuk gespeeld op twee klavieren en pedaal. In het eerste deel zijn de eerste vier noten van de melodie als uitgangspunt genomen. Verder heeft dit deel niets met de koraalmelodie te maken. In de klavierpartijen converseren de beide stemmen terwijl het pedaal er een fundament aan geeft. De conversatie zou ik willen typeren als gemoedelijk. Er zijn weinig dissonanten en vaak nemen de stemmen elkaar letterlijk over. De noten van de bovenstem klinken dan bv. in de volgende maat in de middenstem of omgekeerd. In het tweede deel klinkt de volledige melodie in het pedaal. Dan wordt de registratie aangevuld met de zachte Fagot 16' van het pedaal. Registratie:
Hw: O8 (r.h.)
Rw: O4, R4 (l.h. octaaf lager)
Bovw: G16, P8 Koppels: Ped-Bovw
mt. 52, Ped: +F16

Preludium en Fuga in C BWV 553
Dit keer hoort u nummer één van de zogenaamde "8 kleintjes". Het Preludium is tweedelig en beide delen worden herhaald. Bij de herhalingen is gekozen voor dezelfde registers maar dan op het Bovenwerk waarvan de zwelkast ongeveer voor de helft openstaat. Zo ontstaat er een echowerking.
Het fugathema kenmerkt zich door repeterende noten. Naast alle zware kost is dit bedoeld als een intermezzo wat lichter te verteren is.

Registratie:
Rw: P8, H8, O4
Bovw: P8, R8, O4 (zwelkast half open)
Ped: O16, OS16, O8, G8, O4
bij herhalingen in Preludium: Ped: - O4


Nun danket alle Gott BWV 657
Een feestelijke vierstemmige koraalbewerking waarbij alle melodieregels in lange notenwaarden in de sopraan klinken. Daaraan vooraf klinken de melodieregels in kleinere notenwaarden en vaak versierd in de andere stemmen. Er zijn diverse canons. De eerste hoort u in het begin. De volgende stem zet al in voordat de vorige klaar is. Deze sampleset biedt de mogelijkheid om een zeer feestelijke registratie te realiseren. De tongwerken nemen een centrale plaats in en ik heb zelfs een horizontaaltrompet ingezet voor de lange melodienoten in de sopraan.
Registratie:
Hw: O8, C, T8
Rw: P8, H8, O4,O2, T8
Ch: Tdb8 Ped: O16, OS16, O8, G8, O4, B16
Koppels: Hw-Bw, Chamade aan


Komm Heiliger Geist, Herre Gott BWV 651
Een vierstemmige Fantasie waarbij de melodie in lange notenwaarden in het pedaal klinkt. De keuze van de melodie in de laagste stem is niet toevallig.
Bij stukken waarin het werk van de Heilige Geest op aarde centraal staat gebeurt dat vaker. Merkwaardig is dat het pedaal met een lange noot (orgelpunt) begint. In maat zeven gaat deze lange noot na vier stapsgewijs stijgende tonen over in de melodie. Bach geeft aan dat dit stuk in een plenumklank geregistreerd moet worden. De registratie bestaat voornamelijk uit registers van de Prestantenfamilie van het Hoofdwerk, het Rugwerk en het Pedaal. Om de klank van de melodie te laten contrasteren met de andere stemmen heb ik alleen in het pedaal tongwerken toegevoegd.
Registratie:
Hw: P16, O8, OF8, O4, O2, R, M, S
Rw: P8, H8, O4, Q 2 1/3, O2, M
Ped: P32, O16, OS16, O8, G8, O4, N2, M, B32, B16, T8, T4
Koppels: Hw-Rw


Tenslotte
De volgende opnamen zijn rond 1 december 2014 gepland. Dan hoop ik de sampleset 1761, Silbermann, Arlesheim weer te gebruiken.
Ik was van plan om in dit programma ook Vater unser im Himmelreich BWV 682 te spelen. Het bleek dat ik daar meer tijd voor nodig had en ik hoop deze grote en complexe koraalbewerking de volgende keer op te nemen.
Daarnaast staan het Preludium en Fuga in g BWV 535 (op verzoek) en de zesde Triosonate BWV 530 op het programma.

Heeft u vragen of opmerkingen, mail dan naar leoterlouw@hotmail.com (bijv. voor download van .wav bestanden).
Kritische vragen/opmerkingen zijn ook zeer welkom!
Leo Terlouw, augustus 2014



Deel 9 - 31-05-2014

Programma
Dit keer een programma dat door Jan Huisman uit Nieuw-Lekkerland is samengesteld. Jan heeft op mijn verzoek het programma gemaakt met inachtneming van de volgende criteria:
  • alleen stukken die nog niet op deze pagina staan
  • een boeiende luistervolgorde
Naar mijn idee is hij daar uitstekend in geslaagd. Aanvankelijk was ik van plan om geen Concerto's op te nemen o.a. omdat het geen originele werken van J.S. Bach zijn. Daarvan moest ik nu wel afwijken want Jan had het Concerto G-Dur BWV 592 op zijn verlanglijstje staan. Ik heb het stuk voor deze gelegenheid gestudeerd. Zeker in een niet zo makkelijk toegankelijk programma bieden de drie delen uit dit werk een prachtig intermezzo. Ook de beroemde transcriptie van "Wohl mir,dasz ich Jesum habe BWV 147" biedt een goed tegenwicht.

De registraties vindt u in principe in het 'afspeelblokje'. Als een registratie te uitgebreid is om daar op te nemen of als er binnen een stuk geregistreerd wordt, staat de registratie in de toelichting vermeld.

Sampleset
Evenals de vorige keer gebruik ik weer de sampleset Kampen. Uit één van de reacties bleek dat het onduidelijke pedaalgeluid als negatief ervaren wordt. Ik begrijp deze reactie heel goed en heb, zoals blijkt uit de registraties, in veel gevallen weinig of zelfs geen pedaalregisters gebruikt. Daarvoor in de plaats nam ik één van de pedaalkoppels. Op deze manier kan ook met deze sampleset een duidelijke baspartij gerealiseerd worden.

Fantasie in c BWV 562
Dit is een vijfstemmig werk waar invloed van de Franse barokcomponist Nicolas de Grigny te bespeuren is. Het stuk begint met een motief van één maat. Daarna komt het vele malen terug in alle stemmen. Karakteristiek zijn ook de lange noten (orgelpunten) in het pedaal. Verder vallen de vele versieringen op. Tegen het eind wordt de strenge schrijfwijze even losgelaten en klinkt er passagewerk met zestiende noten. Geen gemakkelijk toegankelijk stuk voor de meeste luisteraars denk ik, wel een stuk dat gewaardeerd kan worden door wat je zou kunnen noemen de fijnproevers.

Registratie:
Hw: P16, B16, P8, H8, O4, T16
Bw1: P8, Q8, R8, F4
Bw2: H8, Ft8, S2, F1, T8
Koppels: Ped-Hw, Bw1-Bw2

Alle Menschen müssen sterben BWV 643
Ach wie nichtig, ach wie flüchtig BWV 644
Het gaat hier om de laatste twee bewerkingen uit het zogenaamde "Orgelbüchlein". In beide bewerkingen ligt de melodie in de sopraan. De sfeer in "Alle Menschen müssen sterben" zou ik in één woord willen duiden met berustend. Dit is opmerkelijk. J.S. Bach heeft in de koraalbewerkingen veel aan tekstuitbeelding gedaan. Dan zou je toch verwachten dat in een bewerking als deze veel wrange samenklanken (dissonanten) te horen zouden zijn. Toch is dit niet zo. De verklaring ligt misschien in het feit dat de dood in de tijd van J.S. Bach anders ervaren werd. Hij heeft wel 10 keer een kind moeten begraven en bovendien stierf zijn eerste - nog jonge - vrouw geheel onverwacht.

Hermann Keller beschrijft in "Die Orgelwerke Bachs" de stemmen die de melodie begeleiden als volgt: "Die Begleitstimmen reden von grossen Herrlichkeit, die den Frommen ist bereit't " (De begeleidende stemmen spreken van de grote heerlijkheid die voor de vromen is bereid).

In "Ach wie flüchtig, ach wie nichtig" wordt de nietigheid van het menselijk leven uitgebeeld door de quasi pizzicatobassen. De middenstemmen verzinnebeelden de vluchtigheid van het bestaan.

Wohl mir, dasz ich Jesum habe BWV 147 – bew. Paul Chr. van Westering
Dit prachtige en voor velen zeer geliefde stuk is een transcriptie van het zesde deel uit de Cantate BWV 147, "Herz und Mund und Tat und Leben." De oorspronkelijke bezetting bestaat uit 4-stemmig koor en de instrumenten C-Trompet, Oboe I en II, Oboe d'amore, Oboe da caccia I en II, strijkers, Basso continuo. Bij een bewerking als deze wordt er dus eigenlijk best veel weggelaten.

Het vierstemmige koor wordt gereduceerd tot de melodie van het koraal in de tenor. Toch blijft er ondanks dat een prachtig stuk over. Mijn vrouw dacht toen ik de proefopname aan het beluisteren was aan een opname van Feike Asma. Soms doet het goed als oude tijden herleven……………….

Concerto G-Dur BWV 592
  • a) zonder aanduiding
  • b) Grave
  • c) Presto
Van het werk van J.S. Bach zijn er in de loop van de tijd talloze transcripties gemaakt. Niet alleen voor orgel maar ook voor andere instrumenten en allerlei soorten ensembles. Ook zijn er transcripties van orgelwerken gemaakt. Denk aan allerlei orgelwerken die naar de piano "vertaald" zijn. Onlangs zag ik een cd met de zes triosonates en dan uitgevoerd door altblokfluit, viool, cello en klavecimbel.

De Concerto's, waarvan er hier één wordt gespeeld, staan op naam van J.S. Bach maar zijn in feite transcripties van werken van andere componisten. Het Concerto BWV 592 is van de hand van prins Johann Ernst von Sachsen-Weimar; een prachtig stuk kamermuziek dat Bach zodanig bewerkt heeft dat het op orgel in technisch opzicht goed te spelen is en daarbij ook nog heel mooi klinkt.

Preludium en Fuga in d BWV 554
Het betreft hier één van de zogenaamde "8 kleintjes". Het Preludium is gecomponeerd in een A-B-A vorm d.w.z. dat de eerste zes maten van het begin (het A-gedeelte) aan het eind herhaald worden.

Het gedeelte ertussen (het B-gedeelte) kenmerkt zich door passagespel en gebroken akkoorden. Ik heb hier een nogal aparte registratie gekozen. Als u vindt dat deze registratie niet door de beugel kan hoor ik het wel. In Hauptwerk is een registratie met behulp van een Midi-file achteraf altijd te veranderen.

Preludium en Fuga in b BWV 544
Na een klein werk volgt er tenslotte een groot en vooral groots orgelwerk. Tijdens het studeren wordt mij dan steeds weer duidelijk waarom ik nog steeds graag dit instrument bespeel. Lang heb ik nagedacht hoe ik het stuk zou registeren en of ik klavierwisselingen zou toepassen. Ik heb zes opnamen beluisterd en geconstateerd dat er vooral m.b.t. de Fuga veel verschillen zijn. Bij een aantal uitvoeringen werd de Fuga in een plenum gespeeld en werd er niet geregistreerd. Andere organisten wisselden één of twee keer van klavier en een enkeling registreerde. Het meest overtuigend vond ik de uitvoeringen zonder klavierwisselingen en zonder registreren. Dit werk is zo'n hecht geheel en de verschillende delen zijn zo in elkaar vervlochten dat klavierwisselingen en registreren naar mijn idee enige afbreuk doen. Echter: om een lang Preludium in een plenum registratie te laten volgen door een lange Fuga ook met een plenumklank is mij teveel. Daarom heb ik toch gekozen voor één klavierwisseling en een beperkt aantal momenten waarop er registers bijkomen.

Registratie:
Preludium:
Hw: P8,H8, O4, Q3, S2, S
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Ped: B16
Koppels: Ped-Hw, Hw-Rw

Fuga:
Hw: P8,H8, O4, S2
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Ped: P16
Koppels: Ped-Rw, Hw-Rw
Begin op Rw
maat 28: verder op HW
maat 61: Ped: +T8, Koppels: +Ped-HW
maat 79: Ped: +B16

Tenslotte
De volgende opnamen zijn rond 1 september 2014 gepland. Dan hoop ik de sampleset Marcussenorgel, Laurenskerk Rotterdam te gebruiken. Ook dan weer een aantal verzoeknummers: "Herr Jesu Christ, dich zu uns wend BWV 655", "An Wasserflüssen Babylon BWV 653" en "Vater unser im Himmelreich BWV 682". Daarnaast zal de Fantasie en Fuga in g BWV 542 op het programma staan.

Voor de opnamen voor 1 december a.s. ben ik van plan de sampleset Arlesheim te gebruiken en de zesde Triosonate BWV 530 te laten horen. Inmiddels is er ook een verzoek binnengekomen om dan Preludium en Fuga in g BWV 535 te spelen. Voor verzoeknummers is hier nog enige ruimte. Voorwaarden zijn dat er nog geen opnamen van mij op deze website staan, dat de stukken passen bij deze set en dat er een boeiende luistervolgorde gerealiseerd kan worden.

Heeft u vragen of opmerkingen, mail dan naar leoterlouw@hotmail.com (bijv. voor download van .wav bestanden).
Kritische vragen/opmerkingen zijn ook zeer welkom!
Leo Terlouw, mei 2014



Deel 8 - 27-02-2014

Sampleset
Eind vorig jaar heb ik de sampleset Kampen (compleet) aangeschaft. Om maar gelijk met de deur in huis te vallen: wat een mooie sampleset is dit! Prachtige karakteristieke klankkleuren zijn ingebed in een grandioze akoestiek. Voor veel orgelwerken van J.S. Bach is deze set bijzonder geschikt. In de toelichting van 06-09-2013 heb ik bij al mijn samplesets aangegeven wat de belangrijkste plus- en minpunten zijn. De pluspunten van "Kampen" heeft u hierboven al gelezen.
Er zijn ook minpunten:
  • geen opgenomen tremulanten
  • onduidelijk geluid bij 16' labialen in het groot octaaf
De minpunten moeten wat mij betreft niet te zwaar gewogen worden. Ik geef deze set een negen.

Verder wordt mij steeds meer duidelijk dat de keuze van de werken bij een bepaalde sampleset van groot belang is. Ik heb opnamen gemaakt van "Ach bleib bei uns Herr Jesu Christ BWV 649" en "Nun danket alle Gott BWV 657" met de bedoeling deze te publiceren. Nadat ik ze nog eens grondig beluisterd had kwam ik tot de conclusie dat deze stukken beter tot hun recht komen op samplesets met een duidelijkere baspartij in het groot octaaf en een kortere nagalm. Deze stukken houdt u nog tegoed.

De registraties vindt u in principe in het 'afspeelblokje'. Als een registratie te uitgebreid is om daar op te nemen of als er binnen een stuk geregistreerd wordt, staat de registratie in de toelichting vermeld.

Preludium in c BWV 546
Sonatina uit Cantate BWV 106
O Mensch bewein' dein Sünde gross BWV 402
O Mensch bewein' dein Sünde gross BWV 622, Fuga in c BWV 546

Over het algemeen worden Preludiums en Fuga's met hetzelfde BWV-nummer achter elkaar gespeeld. In de herfstvakantie hebben mijn vrouw en ik in de Thomaskirche in Leipzig een Motette bijgewoond. Dit is eigenlijk een combinatie van een traditionele protestantse eredienst zoals wij die kennen en een kooruitvoering. Tijdens deze dienst werd het Preludium in D BWV 532 aan het begin en de Fuga met hetzelfde BWV-nummer aan het eind gespeeld. Hetzelfde gebeurt ook vaak in vesperdiensten in de Grote Kerk te Dordrecht. Dit bracht mij op de gedachte om bij deze opnamen tussen het Preludium en de Fuga BWV 546 drie stukken te spelen die qua toonsoort verwant zijn. Het gaat hier om de paralleltoonsoorten c-klein en Es groot.
De drie stukken tussen het Preludium en de Fuga speel ik al tientallen jaren in de Hervormde Gemeente te Bleskensgraaf als inleidend orgelspel voor de eredienst in de lijdenstijd. De Sonatina is een transcriptie van het eerste deel van de Cantate "Gottes Zeit is die allerbeste Zeit BWV 106". De oorspronkelijke bezetting is blokfluit I en II, gamba I en II en basso continuo.
Daarna volgt dan de koraalzetting over de melodie van het passielied "O Mensch bewein' dein Sünde gross". Deze melodie lijkt veel op die van psalm 36/68 (isoritmisch). In de bundel "150 Psalmen & Gezangen" van Dick Sanderman is hij als koraalzetting bij psalm 36 te vinden. Er zijn enige verschillen. In bovengenoemde bundel staat hij een halve toon lager genoteerd dan oorspronkelijk. Dick heeft enkele wijzigingen in melodie en harmonisatie aangebracht. Zo is deze zeer fraaie zetting bruikbaar voor het begeleiden van gemeentezang. Hoewel, ik speel deze zetting ook graag als de gemeente niet meezingt.
Het derde stuk (BWV 622) is één van de meest beroemde en geliefde stukken uit het "Orgelbüchlein". In de sopraan hoort u een bijzonder fraai versierde melodie op basis van de noten van de melodie in de voorafgaande koraalzetting.

Registratie Preludium in c BWV 546:
Hw: P16, P8, H8, O4, Q3, S2, M
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Ped: O8, R6, O4, O2, B16, T8
Koppels: Hw-Rw, Ped-Hw

Registratie Fuga in c BWV 546:
Hw:P8, H8, O4, Q3, S2, S
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Bw1: P8, R8, O4, S
Ped: P16, S16, O8, G8, O4, O2
Koppels: Hw-Bw1, Ped-Rw

maat 59: verder op RW
maat 93: Ped: +T8
maat 98: verder op HW
maat 98: Koppels: +Hw-Rw
maat 121, 4e tel: Hw: +T8
maat 140: Ped: +B16
maat 157: Ped: +R6; Koppels: +Ped-Hw

Wenn wir in höchsten Nöten sein BWV 668a
De melodie lijkt op die van psalm 140/De Tien Geboden des Heeren (isoritmisch). Het stuk begint eenstemmig met de melodie is de tenor. Even later komt de alt erbij en klinkt de melodie één octaaf hoger in de omkering. Bij de derde inzet in het pedaal klinkt de melodie weer gewoon en wordt gevolgd door een kort stukje waarbij de melodie ontbreekt. Als bekroning hoort u tenslotte de melodie (hier en daar iets versierd) in de sopraan in notenwaarden die twee keer zo lang zijn. In de andere stemmen is dan tegelijkertijd het begin van de melodie in kleinere notenwaarden verwerkt. De 2e, 3e en 4e regel krijgen een vergelijkbare verwerking. Het tempo neem ik meestal iets sneller dan bij deze opname, maar de prachtige Vox Humana 8' met toebehoren inspireerde mij om meer tijd te nemen.

Vater unser im Himmelreich BWV 636, 683 en 737
Drie korte koraalbewerkingen over de melodie van het "Gebed des Heeren". Alle stukken zijn vierstemmig en hebben de melodie in de sopraan. De eerste komt uit het "Orgelbüchlein" en is geschreven in een vierkwartsmaat. In de alt, tenor en bas wordt een kort motief verwerkt. Dit motief klinkt direct al na de inzet voor het eerst in de tenor, daarna in de omkering in de alt en vervolgens in de bas. De tweede is de manualiter bewerking van "Vater unser…….." uit "Dritter Teil der Klavierübung" en is geschreven in een zes achtste maat. Ook hier wordt in de alt, tenor en bas een motief verwerkt. Dit klinkt voor het eerst in de alt, direct na de tweede noot van de melodie. Van de laatste (BWV 737) speel ik de manualiter versie zoals deze te vinden is in de "Bärenreiter Ausgabe" uit 2005. In tegenstelling tot de vorige twee bewerkingen begint het stuk niet direct met de melodie maar wordt voorafgegaan door een fugatische opzet van de eerste regel in de tenor en alt en zijn de volgende melodieregels door korte tussenspelen van elkaar gescheiden.

Pièce d' orgue BWV 572
Dit is het enige orgelwerk van J.S. Bach met een Franse titel en Franse tempoaanduidingen. Het werk bestaat uit drie delen die in elkaar overlopen. Het eerste "Très vitement" is virtuoos en eenstemmig. Daarna volgt "gravement" , een 5-stemmig deel met slechts zeven tellen rust in het pedaal. Dit deel eindigt met een verrassend kort verminderd septime-akkoord. Dan is een akoestiek als in Kampen een zegen! Daarna volgt het laatste deel "Lentement". In dit deel daalt de pedaalpartij in een ritmisch motief van "achtste rust - achtste noot – kwartnoot" chromatisch (in stapjes van halve toonafstanden) van d in het klein octaaf naar D in het groot octaaf. Dan wordt dit motief nog 15 keer herhaald op de D in het groot octaaf. Al met al een zeer boeiend werk. De registratie van het laatste deel hoor je heel verschillend. Soms wordt gekozen voor een enkele Prestant 8' in het manuaal. Ewald Kooiman gebruikte destijds bij de grammofoonplaatopnamen fluiten 8', 4'en 2 2/3'. Ook deze registraties komen zeer overtuigend over. Zelf kies ik voor deze opnamen voor een (zeer) groot plenum omdat dit het laatste werk van het programma is. Ook de plaats in het programma is dus van invloed op de registratie die ik kies.

Registratie:
Très vitement
Rw: P8, H8, O4, O2, M

Gravement
Hw: P16, P8, H8, O4, Q3, S2, M, Te, T16, T8
Bw: P8, O4, S
Ped: R6, B16, T8
Koppels: Hw-Bw1, Ped-Hw

Lentement
Hw: P16, P8, H8, O4, Q3, S2, M, S, Te, T16, T8
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Bw: P8, O4, S
Ped: R6, B16, T8, C4
Koppels: Hw-Rw, Hw-Bw1, Ped-Hw

Tenslotte
De volgende opnamen zijn rond 1 juni a.s. gepland. Dan hoop ik met dezelfde sampleset een compleet verzoekprogramma, dat door Jan Huisman uit Nieuw-Lekkerland is samengesteld, te spelen.
Voor de opnamen voor 1 september a.s. heb ik het verzoek gekregen de sampleset Rotterdam te gebruiken en daarop "Herr Jesu Christ, dich zu uns wend BWV 655" en "An Wasserflüssen Babylon BWV 653" te spelen. Daarnaast hoop ik de Fantasie en Fuga in g BWV 542 op het programma te zetten.
Voor de opnamen voor 1 december a.s. ben ik van plan de sampleset Arlesheim te gebruiken en de zesde Triosonate BWV 530 te laten horen. Voor verzoeknummers is hier nog ruimte. Voorwaarden zijn dat er nog geen opnamen van mij op deze website staan én dat de stukken passen bij deze set.

Heeft u vragen of opmerkingen, mail dan naar leoterlouw@hotmail.com (bijv. voor download van .wav bestanden).
Leo Terlouw, februari 2014



Deel 7 - 30-11-2013

Sampleset
Deze keer heb ik weer gekozen voor de sampleset Utrecht. In de vorige toelichting had ik als minpunt aangegeven "teveel nagalm waardoor (snelle) passages in het groot octaaf zeer onduidelijk klinken". Nu heb ik voornamelijk stukken gekozen zonder snelle passages in het betreffende octaaf. Daarbij heb ik sommige tempi iets gematigd. De sterke kanten van deze sampleset komen daardoor veel beter uit de verf en de minpunten zijn minder aan de orde. De registraties vindt u in principe in het 'afspeelblokje'. Als een registratie te uitgebreid is om daar te op te nemen of als er binnen een stuk geregistreerd wordt, staat de registratie in de toelichting vermeld.

Opnames nu ook in .wav beschikbaar
De opnames zijn deze keer ook in .wav beschikbaar: Zip file met .wav bestanden.
Voordelen t.o.v. mp3:
  • betere geluidskwaliteit bij gebruik van goede hoofdtelefoon of stereo-installatie
  • de mogelijkheid om zelf een cd te branden en af te kunnen spelen op de stereo-installatie thuis of in de auto
Nadelen t.o.v. mp3:
  • bestanden zijn 5 keer zo groot en vragen daarom nogal wat ruimte op de schijf
  • het downloaden duurt langer
  • je kunt ze niet vanaf deze site afspelen :)
Preludium en Fuga in e BWV 533
Dit stuk, ook wel "de kleine e-moll" genoemd, is één van de meest gespeelde jeugdwerken van J.S. Bach. Het werk is waarschijnlijk in 1704 in Arnstadt ontstaan. Met name het Preludium met de grote akkoorden komt hier goed tot zijn recht door de voorname en monumentale klank.
Registratie:
Hw: P16, O8, R8, O4, Q3, O2, M, F16, T8
Rw: P8, H8, O4, Q3, O2, M
Ped: P16, S16, O8, F8, R6, O4, M, B16, T8
Koppels: Rw-Hw
Fuga: Hw: -F16

Schmücke dich, o liebe Seele BWV 654
Deze bewerking over een avondmaallied is één van de meest beroemde orgelkoralen van de grote componist en behoorde tot de lievelingsstukken van Felix Mendelssohn Bartholdy. De rijk versierde melodie in de sopraan wordt gespeeld op het Bovenwerk met een registercombinatie van Fluiten 8', 4' en 2 2/3' aangevuld met Tremulant. Deze registratie is bijzonder fraai en is, denk ik, geliefd bij velen.

Preludium en Fuga in g BWV 558
Dit stuk is één van de "Acht kleine Präludien und Fugen". Getwijfeld wordt of deze stukken ook werkelijk van J.S. Bach zijn. De vroegst bekende bron is een afschrift uit 1775. Bach was toen al vijfentwintig jaar overleden. Hoe dan ook, ze zijn de moeite van het spelen waard.
Registratie:
Preludium:
Bw: P8
Ped: P18, O8
Fuga:
Hw: R8, G4, F16
Rw: H8, R4, T8
Koppels: Ped-Hw

Meine Seele erhebt den Herren BWV 648 en 733
Twee bewerkingen over een adventskoraal. De eerste is één van de zes Schübler-Choräle en is een transcriptie van een duet uit de gelijknamige Cantate BWV 10 die in 1724 voor het eerst werd uitgevoerd in Leipzig. De oorspronkelijk bezetting is: violoncello, orgel, trompet en zangstemmen alt en tenor. Opvallend is dat de melodie in de Cantate niet gezongen wordt, maar door een trompet gespeeld wordt. Speeltechnisch is er ook iets merkwaardigs aan de hand: op twee plaatsen moet de rechterhand op twee verschillende klavieren tegelijk spelen. De tweede bewerking heeft een geheel ander karakter. Het gaat hier om een 5-stemmige Fuga met de eerste regel van het lied als thema. Opvallend is dat het pedaal pas aan het eind mee doet en het thema laat horen, maar dan met alle noten twee keer zo lang.

Registratie BWV 648:
Hw: P8, R8
Rw: P8, H8, Q8
Bw: P8, H8, F8, Of 4, Rq3, Vh 8, Tr
Ped: P16, S16, O8, F8
Koppels: Rw-Hw

Registratie BWV 733:
Hw: P16, P8, R8, O4, O2, M
Rw: P8, H8, O4, O2
Ped: P16, S16, O8, F8, R6, O4, M, B16, T8, T4
Koppels: Rw-Hw

Pastorella BWV 590
De Pastorella, ook wel Pastorale genoemd, is een stuk met vier delen met elk een verschillend karakter. Ongewoon is dat alleen het eerste deel een (eenvoudige) pedaalpartij heeft. De volgende drie delen zijn manualiter. Deel één, in een wiegende 12/8 maat, roept een liefelijke sfeer op, deel twee is een Allemande (een dans in tweedelige maat met veel zestienden, rustig tempo. Het langzame derde deel is een Aria met de melodie in de sopraan. De linkerhand speelt veel repeterende akkoorden. Het vierde deel is een tweedelige Gigue (levendige dans in een 3-delige maatsoort) met een thema dat fugatisch verwerkt wordt. In het tweede gedeelte klinkt het thema in de omkering d.w.z. alle stijgende invallen (zowel stapjes als sprongetjes) in het oorspronkelijke thema zijn nu dalend en andersom. Om dit snelle deel helder te laten klinken heb ik gekozen voor een zo doorzichtig mogelijke registratie op het Rugwerk wat verreweg het meest direct klinkt t.o.v. het Hoofdwerk en het Bovenwerk.

In dir ist Freude BWV 615
Deze koraalbewerking behoort tot de grotere stukken uit het "Orgelbüchlein". In dit stuk wordt het woord "Freude" uitgebeeld. Opvallend is het motief (een omspeling van een grote drieklank) in het pedaal dat in totaal maar liefst negentien keer voorkomt. Het motief klinkt direct al in de eerste maat en daarna nog achttien keer.
Registratie:
Hw: P16, O8, R8, O4, Q3, O2, M, F16, T8
Rw: P8, H8, O4, Q3, O2, M, C
Ped: P16, S16, O8, F8, R6, O4, M, B16, T8, T4
Koppels: Rw-Hw

Tenslotte
Inmiddels heb ik een aantal verzoeknummers gekregen. Dit betrof ook werken van andere componisten. Op enig moment, als de tijd het toelaat, zal ik deze verzoeken honoreren. Voorlopig is het voor mij niet meer mogelijk verzoeknummers van andere componisten op te nemen. Verzoeken m.b.t. werken van J.S. Bach en samplesets blijven welkom. Volgende jaar, begin maart, hoop ik de volgende opnamen klaar te hebben. Op het moment is nog niet duidelijk welke sampleset ik dan ga gebruiken.

Heeft u vragen of opmerkingen, mail dan naar leoterlouw@hotmail.com.
Leo Terlouw, november 2013



Deel 6 - 06-09-2013

Voor deze aflevering is gekozen voor de sampleset 1686, Bosch/Schnitger, Vollenhove. Alle vijf samplesets die ik tot nu toe gebruikt heb zijn geschikt om een (groot) deel van het orgelwerk van J.S. Bach ten gehore te brengen maar geen is geschikt om alle werken optimaal te laten klinken. Per set nu de sterke en zwakke(re) kanten:
  • 2007, Mocnik, Velesovo
    • plus: alle registers aanwezig om het complete werk van J.S. Bach te laten klinken
    • min/plus: de 16' en 32' labialen zijn veel te sterk; in Hauptwerk advanced kun je de geluidssterkte gelukkig bijregelen waardoor dit probleem opgelost kan worden
    • min: minder fraaie (lees: ronduit lelijke) tremulanten
  • 1831, Batz/Witte, Utrecht
    • plus: prachtige solostemmen en zeer fraaie tremulanten
    • min: teveel nagalm waardoor (snelle) passages in het groot octaaf zeer onduidelijk klinken
  • 1973, Marcussen, Rotterdam
    • plus: zeer groot aantal registers waaronder 16' registers op de manualen en 32' registers in het pedaal; mede daardoor uitermate geschikt voor de grote orgelwerken
    • min: de solostemmen zijn niet allemaal even kleurrijk
  • 1761, Silbermann, Arlesheim
    • plus: heldere klank en fraaie akoestiek
    • min: geen 16' tongwerken op de manualen
  • 1686, Bosch/Schnitger, Vollenhove
    • plus: heldere klank en fraaie akoestiek
    • min: geen originele 16' registers op de manualen
Voor de volgende opnamen wil ik bovenstaande sets gebruiken. In principe heb ik er nu genoeg voor de orgelwerken van J.S. Bach. Als iemand nog een tip heeft welke andere set iets wezenlijks kan toevoegen dan hoor ik het graag.

Sonate 1 in Es BWV 525
  • a) Zonder aanduiding
  • b) Adagio
  • c) Allegro
De zes sonates, ook wel triosonates genoemd, zijn oorspronkelijk bedoeld als studiemateriaal voor zoon Wilhelm Friedemann. Deze stukken worden gerekend tot de moeilijkste orgelwerken. Het klinkend resultaat van deze orgelsonates staat of valt met de wijze waarop ze ingestudeerd worden. Om te beginnen zoek ik een sluitende vinger- en voetzetting uit. Dat wil zeggen dat ik bij elke noot exact weet welke vinger/voet ik gebruik. Verder is het niet in de eerste plaats een kwestie van doen maar van nalaten. Ik streef ernaar alle bewegingen zo klein mogelijk te houden. Dat betekent dat de slag van de vingers precies gelijk moet zijn aan die van de toets. Alle vingers, ook die je niet gebruikt, blijven dus in contact met de toetsen. Verder is het belangrijk dat ook alle zijwaartse bewegingen zo klein mogelijk zijn. En last but not least probeer ik alle spierspanning te minimaliseren: als je een toets ingedrukt hebt moet je er precies zoveel kracht op uitoefenen dat die net niet omhoog komt totdat je loslaat. Verder is de moeilijkheid sterk afhankelijk van het tempo. De langzame middendelen zijn een stuk eenvoudiger dan de snelle hoekdelen. Ook het orgel waarop je speelt doet er veel toe. Het ideale orgel om een Sonate technisch goed te kunnen spelen heeft een geringe toetsdiepte en speelt licht. De toetsen liggen allen op gelijke hoogte en hebben dezelfde weerstand. Voor deze keer heb ik in het kort mijn gedachten over de speeltechnische moeilijkheid met u willen delen. Bij de toelichting van een volgende Sonate wil ik een ander aspect belichten.

Dies sind die heilgen zehn Gebot BWV 298, 625, 678 en 679
Na de vierstemmige koraalzetting volgen drie bewerkingen. De eerste (BWV 625) komt uit het „Orgelbüchlein". Deze bewerking is vierstemmig met de melodie in de sopraan. In de andere stemmen is de eerste regel in kleinere notenwaarden verwerkt. In totaal zelfs vijfentwintig keer. Wellicht heeft J.S. Bach hiermee het inprenten van de Tien Geboden willen uitdrukken. De volgende bewerkingen komen uit "Dritter Teil der Klavierübung". De eerste daarvan (BWV 678) is vijfstemmig. Met de linkerhand wordt de melodie in canon gespeeld. Deze streng canonische stemvoering symboliseert de noodzaak tot naleven van de door God gegeven Tien Geboden. De laatste bewerking (BWV 679) is van een totaal ander karakter. In "Die Orgelwerke Bachs" van Hermann Keller wordt het karakter van dit stuk aangeduid als "den Freudentanz des neuen Menschen". Een vreugdedans van de nieuwgeboren mens die niets liever wil dan naar al Gods geboden leven. Opvallend is dat het thema precies tien keer voorkomt.

Toccata, Adagio en fuga in C BWV 564
Dit grote driedelige orgelwerk behoort tot één van de meest indrukwekkende orgelwerken die ik ken. Eén van mijn docenten op het conservatorium zei van dit soort werken: "Ze worden maar één keer in de tijd geschreven". De Duitsers kennen het mooie woord "einmalig". Op 10-jarige leeftijd hoorde ik dit stuk voor het eerst. Thuis hadden we een pick-up met één luidspreker in de afdekplaat. De eerste orgelplaat die ik kreeg was "Berühmte Orgelwerke van J.S. Bach", gespeeld door Erich Vollenwyder op een orgel in Zürich. Waarschijnlijk heb ik dit stuk toen nog voor geen tiende deel begrepen maar ik was er wel diep van onder de indruk. De Toccata begint met virtuoos éénstemmig passagespel op het manuaal. Daarna volgt een spectaculaire pedaalsolo die tot één van de moeilijkste pedaalpartijen uit het werk van J.S. Bach gerekend wordt. Na de pedaalsolo volgt een bijzonder feestelijk deel waarbij handen en voeten samengaan. In het eerste gedeelte van het Adagio klinkt in de bovenstem een prachtige melodie. In de pedaalpartij heb ik geprobeerd het pizzicato van cello en contrabas te imiteren. Hierna volgt een extreem langzaam gedeelte met dissonante akkoorden. Zeker in de tijd van J.S. Bach moet dit opvallend geweest zijn. Evenals de Toccata heeft ook de Fuga een feestelijk karakter. Opvallend is dat in de laatste maat van het thema de 6/8-maat naar 3/4-maat wijzigt zonder dat dit door een maatteken aangegeven wordt. Dit wordt een hemiool genoemd. In de loop van de Fuga komt deze niet genoteerde maatwisseling nog een aantal keren terug. De Fuga eindigt heel abrupt met een kort akkoord.

Aanvulling registratie:
Toccata:
In de pedaalsolo: -/+Ped-Rw
Maat 31: +Rw-Hw

Adagio:
Maat 23, 3e tel: Ped: -O4

Heeft u vragen, op- en/of aanmeldingen of misschien wel een verzoeknummer mail dan naar leoterlouw@hotmail.com.
Leo Terlouw, September 2013



Deel 5 - 21-05-2013

Voor de tweede keer heb ik gekozen voor Rotterdam, hoofdorgel Laurenskerk. Voor dit programma was de mogelijkheid om een Bazuin 32' te kunnen gebruiken doorslaggevend. Dit register kan in een beperkt aantal orgelwerken van J.S. Bach gebruikt worden. Alleen bij stukken met een plenum registratie én lange noten in het pedaal is het gebruik van zo'n register mogelijk. De extreem lage tonen hebben een uitzonderlijke zeggingskracht. De registraties vindt u in principe in het 'afspeelblokje'. Als een registratie te uitgebreid is om daar te op te nemen (BWV 671) of als er binnen een stuk (Passacaglia) geregistreerd wordt, staat de registratie in de toelichting vermeld.
Uit Dritter Teil der Klavierübung:
  • Kyrie, Gott Vater in Ewigkeit BWV 669
  • Christe, aller Welt Trost BWV 670
  • Kyrie, Gott heiliger Geist BWV 671
Het gaat hier om een drietal bewerkingen waarbij het mysterie van God drie-enig centraal staat. Het zijn stukken die niet gemakkelijk toegankelijk zijn, maar na veel spelen en luisteren zijn ze voor mij stuk voor stuk unieke meesterwerken geworden. Of wat mijn Papendrechtse collega Arjan Teeuw ervan zei: "Ze zijn ontroerend mooi".
Deze drie koraalbewerkingen hebben een aantal dingen gemeen:
  • dezelfde maatsoort
  • streng polyfoon geschreven
  • vocaal gedacht
  • de melodie klinkt als uitkomende stem in lange notenwaarden
In BWV 669 klinkt de melodie in de sopraan, in BWV 670 in de tenor en in BWV 671 in de bas. In werken van J.S. Bach zit veel symboliek. Ook de keuze van sopraan, tenor en bas is niet willekeurig. De melodie in de sopraan staat symbool voor God de Vader die hoog in de hemel woont.
In BWV 670 symboliseert de melodie in één van de middenstemmen (de tenor) het middelaarswerk van Jezus Christus.
In BWV 671 klinkt de melodie laag in de bas en staat symbool voor het werk van de Heilige Geest op aarde. Ik heb bewust gekozen om deze drie werken direct na Pinksteren te publiceren.

Registratie Kyrie, Gott heiliger Geist BWV 671:
Rw: P8, H8, O4, Q 22/3, O2, M
Hw: P16, O8 Of8, Q 51/3, O4, O2, R, M, S, T16, T8
Bw: P8, O4, M
Ped: P32, O16, Gq10 2/3, O8, Rq5 1/3, O4, M, B32, B 16, T8
Koppels: Hw-Rw, Ped-Bw

Uit Orgelbüchlein:
  • Ich ruf' zu dir, Herr Jesu Christ BWV 639
  • Mit Fried' und Freud' ich fahr' dahin BWV 616
Over deze koraalmelodieën heeft J.S. Bach, voor zover mij bekend, slechts één bewerking voor orgel geschreven. In beide stukken gebruik ik de Tremulant van het Borstwerk. Soms bespeur ik bij mezelf een enkel puristisch trekje. Ik gebruik namelijk alleen maar een tremulant als registers er apart mee opgenomen zijn. Bij deze sampleset is dat het geval bij een beperkt aantal registers.

Passacaglia in c BWV 582
Dit is één van de beroemde orgelwerken van J.S. Bach en relatief gemakkelijk toegankelijk. Aan dit stuk heb ik een aantal bijzondere herinneringen. Al weer heel wat jaren geleden speelde de Japanse organist Masaaki Suzuki dit werk aan het eind van een orgelconcert in de St. Bavokerk te Haarlem. In het begin klonk o.a. de zachte Prestant 32' van het pedaal en kreeg het stuk daardoor al een mystieke lading mee. In het tweede deel (Thema fugatum) deed Suzuki zo'n beetje alles waar puristen moeite mee hebben. Hij registreerde naar een climax toe waarbij aan het eind zelfs de Bazuin 32' ingezet werd. Ook versnelde hij gaandeweg het stuk het tempo flink. Nog nooit ben ik zo onder de indruk geweest van orgelmuziek als toen.

Zelf heb ik dit werk op verzoek gespeeld bij de viering van het 25-jarig jubileum van de heer C.A. Egas, directeur van de School met de Bijbel te Bleskensgraaf en als afsluiting van een reünie van mijn eindexamenklas van de MULO. Bij deze gelegenheden heb ik uitleg gegeven. Er werd toen aangegeven dat men daardoor het stuk veel beter kon volgen. Als u deze uitleg wilt lezen klik dan op: Toelichting bij de Passacaglia in c van J. S. Bach. Er is geen orgelwerk van J.S. Bach waarbij de verschillen in registratiekeuze zo groot zijn. Sommige organisten spelen het gehele stuk zonder ook maar een enkele keer van registers te wisselen. Anderen registreren meer dan 20 keer. Zelf kies ik ervoor om wel te registreren. Bij de keuzes van registraties gaat het altijd om een goede match tussen orgelwerk, orgel en kerkruimte.
Registratie: Rw: P8, H8, O4 Hw: O8, Of8 Ped: O16, Os16, O8, G8
Maat 32: verder op RW
Maat 48: verder op HW, HW: +O4, O2
Maat 48, 3e tel Ped: +O4
Maat 80, 3e tel: l.h. op RW
Maat 88, 3e tel: r.h. op RW, Rw: +O2
Maat 97, 2e tel, 2e helft: beide handen op RW
Maat 104, 3e tel: r.h. verder op Hw, Hw: -O2
Maat 105, 1e tel: ook l.h. verder op Bw
Maat 113, 3e tel: afwisseling Hw en Rw
Maat 120: verder op Hw
Registratie maat 128, 3e tel:
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Hw: P16, O8, Of8, O4, O2, R, M, S
Bw: P8, R8, O4, M
Ped: P32, O16, GQ10 2/3, Os16, O8, G8, RQ5 1/3, O4, M,
Koppels: Hw-Rw, Ped-Bw
Maat 144, 3e tel: Ped: +B16, F16, T8
Maat 152, 2e tel: Hw: +T8
Maat 160, 3e tel: Ped: +B32
Maat 180, 3e tel: Ped: -P32, -B32, -GQ10 2/3 Bw: +B16
Maat 239, 1e tel: Rw: +T8
Maat 255, 3e tel: Ped: +C
Maat 271, 3e tel: Rw: +S
Maat 281, 2e tel: Ped: +T4
Registratie maat 285, 2e tel:
Rw: P8, H8, O4, O2, M, S, T8
Hw: P16, O8, Of8, Q 5 1/3, O4, O2, R, M, S, T16, T8
Bw: P8, R8, O4, M, B16
Ped: P32, O16, Os16, GQ10 2/3, O8, G8, RQ5 1/3, O4, C, M, B16, F16, T8, T4
Koppels: Hw-Rw, Hw_Bw, Ped-Bw
Maat 287, 2e tel: Ped: +B32

Voor de volgende keer wil ik de sampleset van Vollenhove gebruiken. Op verzoek speel ik dan Toccata, Adagio en Fuga in C BWV 564 en verder alle bewerkingen over Dies sind die heil'gen zehn Gebot en één van de Triosonates.

Heeft u vragen, op- en/of aanmeldingen of misschien wel een verzoeknummer mail dan naar leoterlouw@hotmail.com.
Leo Terlouw, Mei 2013



Deel 4 - 05-02-2013

Onlangs heb alle cd's beluisterd uit de net verschenen cd-box Johann Sebastian Bach complete organ works played on Silbermann organs. Het orgelwerk van J.S. Bach wordt hier uitgevoerd door Ewald Kooiman en zijn oud-leerlingen Ute Gremmel-Geuchen, Gerhard Gnann en Bernard Klapprott. Voor deze opnamen werd gekozen voor de beroemde orgels uit de Elzas van Johann Andreas Silbermann. Als u het werk van J.S. Bach eens wilt horen met bijzondere registraties en klankkleuren is deze box zeker een aanrader. De orgels te Ebersmünster en Arlesheim zijn inmiddels als samplesets verkrijgbaar. Het orgel te Wasselonne staat op de lijst met toekomstige samplesets. Ik heb gekozen voor die van Arlesheim omdat dit orgel breder inzetbaar is. De dispositie van het pedaal is uitgebreider en er is een pedaalkoppel naar het Hoofdwerk aanwezig. De klank van dit orgel op deze sampleset valt op door het schone en directe geluid, ingebed in een sfeervolle akoestiek.

Fantasia in Fuga in c BWV 537
Voor en na de eredienst speel ik meestal koraalgebonden werken. Een enkele keer wijk ik daarvan af. Voor of na de dienst op de 1e Paasdag speel ik nogal eens het Preludium of de Fuga in D BWV 532 van J.S. Bach. Dit is een feestelijk werk dat goed past bij de viering van de opstanding van de Heere Jezus Christus. De Fantasia en Fuga BWV 537 echter past in de lijdenstijd. In dit werk komen een aantal elementen uit de Mattheuspassion voor. In de Fantasia vanaf maat 11 de zogenaamde Seufzerfiguren en in het thema van de Fuga een verminderd septime-akkoord. In de Mattheuspassion komt dit akkoord steeds voor bij het woord 'Kreuz'. Fantasia:
Hw: M8, B8, P4
Ped: S16, O8
Koppels: Ped-Hw

Fuga:
Hw: M8, B8, P4, D2
Ped: S16, O8, P4, T8
Koppels: Ped-Hw

Kommt, ihr Töchter, helft mir klagen (Openingskoor Matthéus-Passion)
Dit betreft een transcriptie van de hand van Jaap Niewenhuijse. Het is al weer geruime tijd geleden dat één van de gemeenteleden van de Hervormde kerk te Bleskensgraaf mij vroeg of ik dit stuk voor de dienst wilde spelen. Later bleek dat er zeer veel studietijd mee gemoeid was. Hoe komt dat nu eigenlijk vroeg ik me af. De oorzaak is dat het stuk bedoeld is voor twee koren, jongenskoor en een uitgebreide orkestbezetting. Evenals mijn collega's beschik ik slechts over tien vingers en twee voeten. Deze beperkingen maken het instuderen van een transcriptie als deze tot een moeizame aangelegenheid.
Sinds 1 januari 2012 ben ik ook aangesteld als organist van de Grote kerk en de Sionskerk in Papendrecht. Vorig jaar heb ik dit stuk in de lijdenstijd in alle drie kerken een keer voor de dienst gespeeld. Dit jaar hoop ik dat weer te doen. Afgaande op de reacties in het verleden zullen veel mensen dit op prijs stellen. Hw: M8, B8
Rw: B8, F4, N3 2/3, T1 13/5, Tr
Ped: S16, O8
Koppels: Ped-HW

Trio in c BWV 585
Dit stuk is geen origineel orgelwerk maar een transcriptie van J.S. Bach van de eerste twee delen van een Triosonate van Johann Friedrich Fasch. Bij het studeren van Trio's en vaak ook bij de uitvoering ervan speel ik met de linkerhand één octaaf lager. Dit speelt over het algemeen veel comfortabeler zeker als er veel hoge noten in voorkomen. Door de keuze van een 4' i.p.v. een 8'register klinkt alles toch weer op de juiste toonhoogte. Adagio:
Hw: B8, Tr
Rw: F4, Tr (octaaf lager gespeeld)
Ped: S16, O8

Allegro:
Hw: M8, B8
Rw: P4, F4 (octaaf lager gespeeld)
Ped: S16, O8 Koppels: Ped-HW

Partite diverse sopra il Corale 'O Gott, du frommer Gott' BWV 767
Onlangs kreeg ik een verzoek van mijn vriend Jan Huisman uit Nieuw-Lekkerland om opnamen te maken van deze partita. Dit stuk is bij uitstek geschikt om het orgel in z'n veelkleurigheid te laten horen.






partita 1:
Hw: M8, B8, P4, D2, F
Ped: S16
Koppels: Ped – Hw

partita 2:
Hw: M8
Rw: B8, F4, N, T

partita 3:
Rw: B8, F4
partita 4:
Rw: F4

partita 5:
Rw: B8, D2

partita 6:
Hw: B8, P4
Rw: B8, C8

partita 7:
Hw: M8
partita 8:
Hw: B8, Tr
Rw: B8, Tr
Koppels: Hw-Rw

partita 9:
Hw: M8, B8, P4, D2, T8
E: B8, P4, D2, B8
Ped: S16, B16
Koppels: Ped-Hw
Inmiddels ben ik al weer volop bezig met de voorbereidingen voor de volgende opnamen o.a. de Passacaglia in c BWV 582. Daarvoor heb ik wederom voor de sampleset Laurenskerk, hoofdorgel Rotterdam gekozen.
Heeft u vragen, op- en/of aanmeldingen of misschien wel een verzoeknummer mail dan naar leoterlouw@hotmail.com.
Leo Terlouw, Februari 2013



Deel 3 - 04-01-2013

Het hoofdorgel van de Laurenskerk te Rotterdam neemt voor mij een heel bijzondere plaats in. Op dit orgel heb ik tijdens mijn studie aan het Rotterdams Conservatorium verschillende lunchpauzeconcerten gegeven, er twee jaar les gehad, in 1978 het B-examen en in 1980 het examen Uitvoerend Musicus afgelegd. Na de aanschaf van deze sampleset kwamen veel herinneringen van vroeger weer boven. Ik heb nog een aantal registraties gevonden die ik destijds gebruikt heb op examens en lunchpauzeconcerten o.a. die van de Fantasie en Fuga op. 135b van Max Reger. Ik herinner me nog dat er in de Fantasie van ongeveer 8 minuten maar liefst 80 registratiemomenten waren. Mijn registranten waren toen mijn zus Alie en mijn vrouw Henny. Hun taak was bepaald niet eenvoudig. Het is ook een orgel is dat z'n geheimen niet makkelijk prijsgeeft. Met 'standaardregistraties' krijg je heel vaak niet het gewenste klankresultaat maar een flinke dosis creativiteit kan wel tot overtuigende resultaten leiden.

Preludium en Fuga in D BWV 532
Dit feestelijke stuk heb ik op mijn examen UM in 1980 gespeeld. Tegenwoordig is het bij veel organisten de gewoonte niet of nauwelijks te registreren in de grote orgelwerken van J.S. Bach. In de tijd van mijn examen was het nog wel gebruikelijk. Nu doe ik het nog steeds als de structuur van het werk het toelaat. De registratie die ik toen gebruikt heb kan ik helaas niet meer achterhalen. Wel weet ik nog dat ik toen op dezelfde momenten geregistreerd heb.

Preludium:
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Hw: P16, O8, Of8, O4, O2, R, M, S
Bw: P8, O4, M
Ped: O16, Os16, O8, G8, O4, N2, R, C, M, B16, F16, T8
Koppels: Hw-Rw, Ped-Bw

Alla breve:
Rw: -M
Hw: -P16, -M, -S
Ped: -C, -M, -B16, -T8
Koppels: -Ped-Bw, +Ped-Rw

Adagio:
Rw: +M
Hw: +P16, +M, +S
Ped: +C, +M, +B16, +t8
Koppels: +Ped-Bw, -Ped-Rw


Fuga:
Rw: P8, H8, O4, O2, M
Hw: O8, Of8, O4, O2, R, S
Bw: P8, O4, M
Ped: P16, Os16, O8, G8, O4, C, T8
Koppels: Hw-Rw

begin: op RW
maat 103: Ped: +R, +F16
maat 104: verder op HW
maat 119: Ped: +M, +B16; Koppels: +Ped-Bw
maat 120: Hw: +P16, +M





Liebster Jesu, wir sind hier BWV 706, 633, 730 en 731
Vier bewerkingen over de melodie zoals we die in Gezang 328 van het Liedboek voor de Kerken vinden. In BWV 706 hoort u een bijzondere combinatie van de Prestant 8 en de Viola di Gamba 8' zwevend van het Bovenwerk. Deze registratie is destijds bedacht door mijn leraar André Verwoerd voor het thema van Aria Quinta van Johann Pachelbel.

Liebster Jesu, wir sind hier BWV 706
BW: P8, Vzw8
Ped: OS16
Koppels: Ped-BW
bij de herhaling zwelkast dicht
Liebster Jesu, wir sind hier BWV 633
RW: Q16, Q8, D16 (octaaf hoger gespeeld)
Hw: Of8, S4
Ped: OS16, O8


Wir glauben all'an einen Gott, Vater BWV 740
In dit stuk met dubbelpedaal heb ik gekozen voor een registratie die niet stijlgetrouw is. De melodie wordt met een combinatie van één van de horizontaaltrompetten en de Trompet 8' van het Hoofdwerk gespeeld aangevuld met flink wat labiaalregisters. Zo nu en dan kies ik, dit keer zelfs met veel overtuiging, voor een niet stijlzuivere registratie. Ik vind deze registerkeuze uniek en zeer fraai. Volgens mij is er in Nederland niet één orgel waarbij een dergelijke registratie mogelijk is. Rw: P8, H8, Q8, O4, O2
Hw: O8, Of8, O4, O2, T8
Bw: P8, O4
Ch: Tbat8
Ped: O16, Os16, O8, G8, O4, F16
Koppels: Hw-Bw

Preludium en fuga in F BWV 556
Dit is één van de zogenoemde 'acht kleintjes' van J.S. Bach. Er klinken slechts twee registers. Eén op het manuaal en één op het pedaal. Een groter contrast in klanksterkte met de registratie van de Toccata en Fuga in d BWV 565 is nauwelijks denkbaar. Bij de keuze ervan moest ik denken aan het spreekwoord: 'Wie het kleine niet eert, ...'
Rw: R4
Ped: G8

Christ unser Herr zum Jordan kam BWV 684
In dit koraal wordt de baspartij met de linkerhand gespeeld en de melodie in de tenorligging op het pedaal. Het Laurensorgel heeft bijzonder veel 16' registers op de klavieren. Er zijn dus veel mogelijkheden om dit stuk te registreren. Gert vraagt zich af: "Wat doet een Terts 3 1/5 op het Bovenwerk?" Ik heb daarom dit register, dat overigens zelden voorkomt, ingezet om de baspartij een zeer bijzondere Fransbarokke kleuring te geven. In de melodie heb ik het register Trompet 8 verdubbeld door de Trompet 8'van het pedaal te koppelen aan de Trompet 8' van het Hoofdwerk. Ook nu aangevuld met flink wat labiaalstemmen. Zo krijgt de melodie een heel mooie sonore klank.
Rw: P8, H8, Q8, R4, K8
Hw: O8, O4, T8
Bw: G16, P8, B8, R8, O4, Of4, T3 1/5, R 2 2/3, N2, T1 3/5
Ped: O8, O4, T8
Koppels: Ped-Hw

Liebster Jesu, wir sind hier BWV 730
In BWV 730 gebruik ik twee Prestanten 8' door de Prestant 8' van het Rugwerk te koppelen aan die van het Hoofdwerk. Verdubbelingen van registers geven m.n. op dit orgel een vollere, warmere en ook meer levendige klank. RW: P8
Hw: O8
Ped: OS16, O8
Koppels: Hw-Rw, Ped-Hw

Liebster Jesu, wir sind hier BWV 731
In BWV 731 had ik aanvankelijk voor de Open Subbas 16' van het pedaal gekozen. Bij nader inzien vond ik deze iets te luid en verving ik hem daarom voor de Gedekt 16' van het Bovenwerk. Eventueel kun je de klanksterkte nog beïnvloeden met de zweltrede. RW: H8
Bw: G16
Brstw: G8, B4, N2 2/3, Tr
Koppels: Ped-Rw, Ped-Bw

Toccata en Fuga in d BWV 565
Met de keuze van dit zeer bekende orgelwerk van J.S. Bach wil ik vooral duidelijk maken dat het niet alleen qua orgelkast maar ook wat betreft de klank om een reuzeninstrument gaat. Ik moest de geluidsterkte behoorlijk wat terugzetten om oversturing te voorkomen. In het menu View-Large floating control panels (for this organ)-Audio, MIDI and performance heb ik de waarde van trim dB veranderd van -7dB naar –11Db. Het orgel kan echter nog veel harder door één of meer horizontaaltongwerken toe te voegen. Maar alles heeft z'n grenzen. Zo vond ik het weer welletjes.

Toccata:
Rw: Q16, P8, H8, O4, Q2 2/3, O2, M, S, D16, T8
Hw: P16, O8, Of8, Q5 1/3, O4, O2, R, M, S, T16, T8
Bw: P8, O4, M
Ped: P32, O16, Os16, Gq10 2/3, O8, G8, Rq5 1/3, O4, N2, R, C, M, B32, B16, F16, T8, T4
Koppels: Hw-Rw, Ped-Bw
maat 12: Rw: -Q16, -S, -D16, -T8
maat 16: Rw: +Q16, +S, +D16, +T8

Fuga:
Rw: P8, H8, Q8, O4, Q, O2, M
Hw: O8, Of8, O4, O2, R, S, T8
Bw: P8, B8, Of4, N2
Ped: O16, Os16, O8, G8, Rq5 1/3, O4, N2, M, B16, F16, T8
Koppels: Hw-Rw, Ped-Rw
vanaf maat 57: verder op Rw
vanaf maat 62: afwisselend op Rw en Bw
vanaf maat 85: verder op Hw
vanaf maat 127: verder op BW
vanaf maat 129: verder op Rw
vanaf maat 130: verder op Hw met de beginregistratie van de Toccata
maat 133: Koppels: +Hw-BW
maat 137: Bw: +C
Koppels: + Ped-Hw, +Ped- Rw

De reputatie van dit orgel is omstreden. Wat ik er zelf van vind heb u wellicht al tussen de regels door kunnen lezen. Dit orgel reken ik tot één van de vele mooie orgels in Nederland. Zoals ik in het begin al opmerkte geven 'standaardregistraties' lang niet altijd een bevredigende klank. Het betreft hier dan ook een orgel en daarom ook een sampleset met veel uitdagingen. Door te experimenteren blijkt na verloop van tijd dat er ongekend veel fraaie en (zeer) bijzondere registraties mogelijk zijn. Een deel van het geheim ligt in het verdubbelen van registers.

Als u vragen, op- en/of aanmerkingen heeft mail gerust naar: leoterlouw@hotmail.com
Leo Terlouw, Januari 2013



Deel 2 - 15-11-2012

Bij de vorige opnamen heb ik de sampleset Velesovo gebruikt. Inmiddels heb ik nog 3 sets aangeschaft. Nu heb ik gekozen voor die van Utrecht. Voor liefhebbers van romantische orgelklanken is dit waarschijnlijk een populaire set.

Gespeelde werken:
Preludium en Fuga in C BWV 545 (2 versies)
In de eerste versie is zowel het Preludium als de Fuga gespeeld met een groot plenum. In de tweede versie wordt tussen het Preludium en de Fuga het Largo uit Sonate 5 BWV 529 gespeeld. Ik kies hier voor een veel zachtere registratie omdat ik vind dat het verschil in klanksterkte tussen het Preludium, het Largo en de Fuga anders te groot wordt. Het Preludium wordt gespeeld met enkele Prestanten, het Trio met enkele Fluiten en de Fuga met enkele zachte tongwerken.

Wachet auf ruft uns die Stimme BWV 645 en Bist du bei mir BWV 508
Deze stukken speel ik op de laatste zondag van het kerkelijk jaar(Eeuwigheidszondag), dit jaar op 25 november. Bij 'Wachet auf ruft uns die Stimme' gebruik ik in alle stemmen tongwerken, een registratie die ik zelf niet eerder heb gehoord.

Nun komm der Heiden Heiland BWV 699, 62, 599, 559, 660 en 661
U hoort een Fughetta, koraal en vier bewerkingen over dit adventslied. BWV 599 uit het Orgelbuechlein speel ik één toon lager dan genoteerd en het koraal twee tonen lager. Zo krijgt de combinatie van stukken overeenkomsten met een partita. BWV 660 speel ik iets langzamer omdat er anders teveel details verloren gaan.
Bent u niet direct een liefhebber van orgelmuziek van J.S.Bach beluister dan Wachet auf ruft uns die Stimme BWV 645, Bist du bei mir BWV 508 en Nun komm der Heiden Heiland BWV 559. Uit ervaring weet ik dat deze werken een breder publiek aanspreken.

Reacties
Ik heb verschillende vragen en ook positieve reacties gekregen over de vorige opnamen en over Hauptwerk, o.a. het verzoek om de partita 'O Gott du frommer Gott' BWV 767 op te nemen. De volgende opnamen hoop ik rond 1 maart a.s. klaar te hebben voor publicatie op deze website.
Vragen of opmerkingen kunt u sturen naar leoterlouw@hotmail.com



Deel 1 - 06-10-2012

De eerste opnames zijn gemaakt (dit keer op Velesovo), de toelichting van Leo Terlouw:
Als eerste werk heb ik de Toccata in F gekozen en niet zonder reden. Op 1 juli van dit jaar was ik 40 jaar organist van de Hervormde gemeente te Bleskensgraaf. Het was toen ook precies veertig jaar geleden dat het Pels en Van Leeuwen orgel van deze gemeente in gebruik genomen werd. Na afloop van het programma van de ingebruikname mocht ik toen voor het eerst iets voor publiek op het nieuwe orgel -waar ik als jong organist benoemd was- spelen en dat was de 'Toccata in F'. Het is ook het stuk waarmee mijn dochter Corine in 2001 de tweede prijs won op het Govert van Wijn concours in Maassluis. Een groot deel van het werk van J.S. Bach is doorademd met het 'Soli Deo Gloria', waarmee hij ook zijn werken signeerde.
Vandaar mijn keuze voor drie bewerkingen over 'Allein Gott in der Höh sei Ehr'. Met de partita 'Sei gegrüsset, Jesu gütig' heb ik een verkenningstocht door de sampleset Velosovo gemaakt. Na veel experimenteren ben ik tot de uiteindelijke registraties van de opnamen gekomen.

Opmerkingen en suggesties zijn welkom op: leoterlouw@hotmail.com of info@pcorgan.com.



Andere opnames van Leo Terlouw, ze komen uit "Koraalbewerkingen in 18e eeuwse stijl" (Lindenberg):


Deel 11 t/m 20



 

Copyright (c) 2008 PCorgan.com. All rights reserved. Mail: info@PCorgan.com